Modern herenhuisinterieur met maatwerk en daglicht
Het daglicht loopt hier niet alleen langs de ramen, maar ook door de verdiepingen heen. In dit modern herenhuis interieur liggen de leefruimtes aan de voor- en achterzijde, terwijl de functiegebieden juist naar het midden zijn geschoven. Daardoor blijven zichtlijnen open en krijgt elke etage een eigen verhouding tussen uitzicht, materiaal en gebruik. Het souterrain, de bel-etage en de bovenliggende verdiepingen vormen samen een indeling waarin maatwerk interieur niet als toevoeging voelt, maar als drager van de ruimte.
Leefruimtes aan twee kanten van het huis
Op de bel-etage is dat meteen leesbaar. Aan de voorzijde ligt een zitje met zicht op het water, aan de achterzijde richt de andere zijde zich op de stad. Tussen die twee richtingen zit geen overdaad aan wanden of losse meubels; de ruimten worden vooral gestuurd door openingen, doorzicht en plaatsing. De dubbele taatsdeuren op de eerste verdieping vergroten dat effect nog verder. Ze laten licht en zicht door, terwijl ze de overgang tussen kamers wel markeren. Zo ontstaat een interieur met daglicht dat dieper doorloopt dan je op een smalle doorsnede zou verwachten.
Ook op de eerste etage werkt die indeling door. De slaapkamer kijkt uit, de kantoorruimte staat gericht op de stadskern, en daartussen liggen de garderobekamer en de badkamer. Het zijn gesloten functies, maar ze drukken de verdieping niet dicht. In plaats daarvan houden ze de route compact, zodat de ramen aan de buitenzijden hun werk kunnen doen. Het resultaat is een rustige stapeling van kamers, met duidelijke functies en weinig verspilling van ruimte.
Souterrain keuken met lengte en diepte
Beneden verandert de sfeer direct. De souterrain keuken wordt gedragen door een lang keukenblok en een eiland waarin werkblad en eetkamertafel samenkomen. Het eiland staat niet als los object in de ruimte, maar als een langwerpige massa die de diepte benadrukt. Ook de wanden werken mee. In de scheidingswand tussen keuken en bijkeuken zijn meerdere functies verwerkt, waardoor berging en gebruik uit het zicht blijven zonder extra losse elementen toe te voegen. Het geheel leest strak, maar niet hard; de lijnen zijn helder en gericht op beweging door de ruimte.
Aan het uiteinde van de eettafel zit nog een tweede concentratie van functies. Daar is plek gemaakt voor televisie en inbouwhaard, verwerkt in een wand die het zicht opvangt zonder de kamer te blokkeren. In de beelden zie je hoe dat principe terugkomt in een donkere nis met haard en een houten wandvlak eromheen. Het is precies zo’n ingreep die een woonkamer met haard niet zwaar maakt, maar wel structuur geeft. De zithoek blijft open, terwijl de wand tegelijk een vast punt in de ruimte vormt.
Wandvlakken die iets verbergen en iets tonen
De maatwerkwanden doen meer dan opbergen. Ze houden apparatuur, berging en techniek op hun plaats, maar laten het interieur rustig doorlopen. In de keuken sluit het witte tegelvlak aan op de werkzone en vangt het licht op een nuchtere manier. Elders is hout juist zichtbaar als paneelwerk of kastfront, waardoor de kamer niet overal hetzelfde leest. Dat verschil tussen glad, gesloten en tactiel maakt de woning leesbaar per zone. Je ziet waar gekookt wordt, waar gezeten wordt en waar doorgelopen wordt, zonder dat elke functie afzonderlijk hoeft uit te pakken.
Materialen die per etage van toon wisselen
Elke verdieping heeft een eigen ondergrond. In het souterrain ligt een cementachtige gietvloer die de ruimte stevig neerzet en de lange zichtlijnen benadrukt. Op de bel-etage ligt juist een eikenhouten vloer, die het vertrek visueel zachter maakt en beter aansluit op de zithoek. Die keuze werkt subtiel, maar wel duidelijk. Waar beneden het oppervlak zwaarder aanvoelt, lijkt boven meer lucht te blijven hangen. Het zijn precies die verschuivingen die van een maatwerk interieur iets samenhangends maken zonder dat het overal hetzelfde hoeft te zijn.
De combinatie van materialen heeft ook invloed op hoe de meubels en wanden worden gelezen. Houtpanelen, strakke pleisterwanden, glas en steenachtig oppervlak staan niet los van elkaar, maar reageren op het licht van elk verdiepingsniveau. Op sommige plekken blijft het vlak rustig en vlak, op andere plekken vangt een nerf of voeg juist net genoeg detail om de ruimte spanning te geven. Daardoor krijgt het huis een volwassen karakter zonder dat het op details leunt die zich nadrukkelijk opdringen.
Trapzone en glas als schakel tussen de verdiepingen
De trapzone houdt de beweging in het huis zichtbaar. Rechte lijnen, witte wanden en glaspartijen zorgen ervoor dat je blijft zien waar de verdiepingen op elkaar aansluiten. In de beelden komt dat terug in een heldere trap met een strakke wandopbouw en een glazen deurpartij die doorkijk geeft naar een andere ruimte. Het licht blijft ook hier niet hangen in één kamer, maar springt door naar volgende zones. Dat maakt de route logisch: je verplaatst je niet door gesloten compartimenten, maar door een reeks openende en sluitende vlakken.
Die helderheid werkt ook in de raampartijen. Grote ramen met donkere kozijnen zetten scherp af tegen de lichte wandvlakken, zowel binnen als aan de buitenzijde van de kamers die op de beelden zichtbaar zijn. Het contrast is niet bedoeld om op te vallen, maar om de randen van de ruimte duidelijk te maken. Daardoor leest de woonkamer groter, en blijft de overgang tussen binnen en buiten precies genoeg zichtbaar zonder het interieur te overheersen.
Badkamer en garderobe in dezelfde rustige lijn
De badkamer sluit aan op diezelfde benadering van compact organiseren. In beeld zie je een vrijstaand ovaal bad, een lange wastafelwand en een afwerking die vooral op vlak en lijn vertrouwt. Het geheel is nuchter opgebouwd, met weinig onderbrekingen en een duidelijke horizontale orde. De materialen blijven ingetogen, zodat het licht over de wanden kan schuiven. Ook hier is niets toegevoegd dat niet nodig is; de ruimte bestaat uit precies genoeg onderdelen om de functie leesbaar te houden.
Dat geldt ook voor de garderobekamer en de zones rondom de slaapkamers. Ze liggen tussen de meer uitgesproken ruimtes in, waardoor ze rustiger ogen dan de voor- en achterzijden van het huis. Toch horen ze volwaardig bij het geheel, omdat ze de schakels vormen tussen kijken, wonen en werken. Samen met de dubbele taatsdeuren, de houten vloer op de bel-etage en de souterrain keuken ontstaat een interieur dat zijn vijf verdiepingen niet verbergt. Je ziet de opbouw meteen, en juist daardoor werkt elk onderdeel op zijn eigen plek.
Fotografie: René Gonkel
Tekst: Paul Geerts
Wil je meer zien van Remy Meijers? Bekijk de pagina van Remy Meijers voor meer projecten en bedrijfsinformatie.








