Woning met expressief metselwerk in het groen
Rood baksteen met onregelmatige voegen bepaalt meteen het beeld van deze expressief metselwerk woning. De gevel staat niet los van de tuin, maar trekt die groene context bijna naar zich toe. Grote raamopeningen snijden in het volume en geven het huis een duidelijke richting, terwijl de steen een ruw oppervlak houdt dat later nog verder zal verweren. Op het terrein is geen strak gazon aangelegd; de woning ligt tussen beplanting, verharding en zicht op groen, alsof het huis zich geleidelijk in de tuin nestelt.
Een gevel die de textuur laat spreken
Het metselwerk is hier meer dan bekleding. De stenen tonen kleurverschillen, kleine oneffenheden en een voeg die niet probeert te verdwijnen. In de details van het metselwerk detail lees je de keuze voor een muur die mag verouderen en patine mag opnemen. Boven de openingen blijven stalen lintelen zichtbaar, net als de randen rond de carport in de gevel. Die openheid maakt het volume leesbaar, maar houdt tegelijk de constructie nadrukkelijk in beeld.
De rode bakstenen gevel werkt met een eigen ritme. Waar het gevelvlak onderbroken wordt door ramen, ontstaat spanning tussen massief en leegte. De carport is als een uitgespaarde zone in het volume opgenomen, waardoor de woning niet als een gesloten blok verschijnt. Aan de tuinzijde verzachten planten en verharding het harde lijnenspel. Dat samenspel van steen, glas en groen maakt van deze rood bakstenen gevel geen decor, maar een huid die op termijn sterker met de omgeving zal verweven raken.
Split-level woning met een logische sprong tussen de niveaus
De binnenindeling volgt geen vlakke plattegrond maar een trapsgewijze opbouw. In deze split-level woning liggen keuken en eetruimte aan de achtergevel op het gelijkvloers, terwijl de zithoek een half niveau hoger is geplaatst. Nog een stap verder ligt de bureauruimte en leeshoek op verdiepingsniveau. Daardoor verschuift het perspectief telkens wanneer je door het huis beweegt. Het ene moment kijk je uit over de tuin, even later zie je door tot diep in de keuken of naar de straatzijde.
Boven de zithoek stijgt het plafond, waardoor de ruimte niet dichtloopt en de zichtlijnen langer worden. Vanuit de leeshoek blijft de keuken leesbaar, met het lagere niveau als referentie. De overgang naar de slaapverdieping loopt via een houten trap naast de vide van zithoek en bureau. Die trap is niet weggestopt, maar vormt een zichtbaar onderdeel van de route door het huis. Zo krijgt de woning een duidelijke opeenvolging van niveaus, met elke zone op een andere hoogte en met een ander contact met buiten.
Zichtlijnen die de ruimtes aan elkaar koppelen
De kracht van deze zichtlijnen interieur zit in wat je onderweg ziet, niet in wat de ruimte claimt te zijn. Vanaf de leeshoek valt de blik door de dubbele hoogte tot achteraan in de keuken. De zithoek kijkt uit op tuin en straat, terwijl de eetruimte aan de achtergevel een directere band heeft met buiten. De vloeren, plafondhoogtes en niveauverschillen geven elke plek een eigen maat. Er is samenhang, maar geen vlakke herhaling.
Die logica zie je ook in de volumes aan de buitenzijde terug. De vertanding van bureauruimte, zithoek en eetruimte is afleesbaar in het silhouet van de woning. Waar de carport het bouwvolume onderbreekt, ontstaat een duidelijke hap in de massa. Aan de oostzijde snijdt een smalle horizontale opening vlak onder het plafond in de gevel en brengt licht in badkamer en ouderslaapkamer, zonder dat de privacy verloren gaat. Het huis werkt dus met doorsneden, inkepingen en smalle openingen in plaats van met grote gebaren alleen.
Materialen die verouderen in plaats van verdwijnen
In het interieur ligt de nadruk op een zuiver materiaalpalet. Betonvloeren, houten parket en wit gepleisterde wanden en plafonds vormen de basis. Die combinatie houdt de ruimtes helder, maar niet kaal: het beton geeft massa aan de vloer, het hout brengt een voelbare draad in de looplijn, en het pleisterwerk laat het daglicht scherp op de vlakken vallen. Omdat de materialen mogen patineren, verandert het interieur mee met gebruik en licht, zonder dat er decor nodig is om de ruimtes te dragen.
De buitensteen volgt dezelfde redenering. De gekozen baksteen heeft een uitgesproken textuur en toont sporen van het bakproces, met soms donkerdere plekken en onregelmatige randen. De mortel is bewust zichtbaar gehouden, waardoor de voegen niet wegvallen tegen het metselwerk. Dat geeft de muur een uitgesproken taktiliteit. In de combinatie van baksteen, staal en hout komt een nuchtere opbouw naar voren waarin ieder materiaal zijn eigen leesbaarheid behoudt. De woning zoekt geen gladde afwerking; ze laat liever zien hoe de delen zijn samengezet.
De houten trap als schakel
De houten trap brengt de verschillende verdiepingen samen met een duidelijke, bijna ritmische beweging. Brede treden, een wit vlak ernaast en de vide maken de opgang visueel open. Vanuit de leefruimte blijft de trap aanwezig, ook wanneer je hem niet gebruikt. Daardoor krijgt het huis een intern ankerpunt dat de split-levels verbindt. De trap is tegelijk route, zichtlijn en overgang, en precies daarin zit zijn betekenis in deze houten trap.
In de leefruimtes zelf blijft het materiaalgebruik sober, maar niet vlak. Het hout van de vloer reageert anders op daglicht dan de witte wanden, en de betonvloer legt een steviger basis onder keuken en eetruimte. De openingen naar buiten zijn groot genoeg om het groen van dichtbij te lezen, maar niet zo dominant dat de kamers hun maat verliezen. Het resultaat is een woning waarin de relatie tussen binnen en buiten voortdurend verschuift: soms via een brede glaswand, soms via een smalle opening, soms via een niveauverschil.
Een huis dat naar de tuin toe leest
De tuin is geen los decor naast de woning. Verharding, beplanting en zicht op groen maken deel uit van dezelfde compositie. Het terrein blijft bewust ongepolijst: geen gemillimeterd gras, maar een beheerste ruwheid die aansluit op de materiaalkeuze van het huis. Vanuit de leefruimtes zie je groen op verschillende hoogtes en met verschillende dieptes, afhankelijk van waar je staat. Daardoor wordt wonen hier vooral een kwestie van positionering, licht en afstand.
Die aandacht voor hoe het huis zich toont aan zijn omgeving maakt de expressief metselwerk woning sterk in haar eenvoud. Niet het volume alleen, maar de inkepingen, ramen, voegen en overgangen bepalen het beeld. De gevel blijft spreken, ook wanneer ze door weer en tijd verder verkleurt. Binnen geven de split-levels en de houten trap structuur aan het gebruik, terwijl buiten de steen en de tuin elkaar langzaam beginnen te overlappen. Zo leest de woning als een geheel dat groeit in plaats van zich af te sluiten.
De kracht van het project zit uiteindelijk in de nauwkeurige afstemming tussen massa en opening, tussen steen en groen, tussen hoogteverschil en doorkijk. Grote raamopeningen zetten de leefruimtes open, het metselwerk houdt de woning aards en tastbaar, en de carport in gevel maakt de massa minder statisch. Alles wijst in dezelfde richting: een vrijstaand huis dat niet op afstand van zijn tuin staat, maar er stap voor stap in wordt opgenomen.
Wil je meer zien van Steenbakkerij Vande Moortel? Bekijk de pagina van Steenbakkerij Vande Moortel voor meer projecten en bedrijfsinformatie.








