Geometrisch woonvolume op grillig perceel
Een schuine bouwlijn langs de straat vraagt om een duidelijke ingreep, en precies daar zet dit geometrisch woonvolume de toon. Het woonvolume houdt vast aan een rechthoekige voetafdruk, terwijl de voorgevel de richting van het perceel volgt. Daardoor ontstaat vooraan een spievormig voorgebied, geen reststrook maar een ruimte met eigen mogelijkheden. De bakstenen huid versterkt die strakke lezing van het volume, terwijl de raamopeningen de massa op meerdere plekken openbreken.
Een rechthoekig volume tegen een schuine perceelslijn
De verhouding tussen perceel en bouwlijn bepaalt hier de hele opbouw. Omdat het terrein geschrankt ligt ten opzichte van de openbare weg, zou een volgzame plattegrond snel onrust brengen in de leefruimtes. Het ontwerp kiest daarom voor een helder, rechthoekig woonvolume dat de binnenruimtes rust geeft. De geometrische vormen zijn niet decoratief toegevoegd; ze maken de ruimte leesbaar. Aan de straatzijde verschijnt een geometrische gevel met een bakstenen geveltekstuur en donkere raamkaders die de openingen scherp aftekenen.
Die beslissing levert vooraan een spievormig voorgebied op, precies groot genoeg om meer te zijn dan een doorgang. Het terrein wordt hier niet gladgestreken, maar benut als een overgangszone tussen straat, oprit en woning. In dat smalle stuk ontstaat spanning tussen volle muren en openingen, tussen metselwerk en glas. Het is een klein oppervlak met een duidelijke rol: het organiseert de nadering naar de woning en maakt van de toegang een ruimtelijke beweging in plaats van een rechttoe-rechtaan pad.
Patio bij de inkomhal als scharnier tussen buiten en binnen
Vanaf de geborgen oprit leidt een patio bij inkomhal naar de voordeur. Dat tussenstuk zorgt voor een stapsgewijze overgang, met zicht op open lucht voordat je de inkomhal bereikt. De carport ligt aan de rechter perceelsgrens en sluit mee aan op die logica van route en afbakening. In plaats van één brede open zone, worden de bewegingen verdeeld over verschillende smalle en bredere stroken, waardoor de aankomst helder blijft lezen. Het resultaat is een woonoplossing waarin de buitenruimte niet naast het huis staat, maar het plan mee vormt.
Achter de inkomhal wordt zelfs de laatste overgebleven hoek van het spievormige volume benut. Daar ligt een toilet met een aanliggende patio, en juist die compacte ingreep geeft de plek betekenis. Een vloer-tot-plafondraam kijkt uit op de patio en haalt licht diep in die kleine ruimte. Het is een detail dat de architecturale opzet goed samenvat: geen verloren hoek, maar een bewust ingevuld restvolume waarin openheid en beslotenheid naast elkaar bestaan.
Route, lucht en beschutting
De route vanaf oprit naar inkomhal wisselt voortdurend van schaal. Eerst is er de geborgenheid van de toegang, daarna de open strook van de patio, vervolgens de meer gesloten inkomzone. Dat afwisselen van buiten en binnen geeft de woning een duidelijke sequentie. De bakstenen gevel en de glazen vlakken werken daarbij samen. Waar de ene zijde massa toont, trekt de andere zijde het licht naar binnen. Zo krijgt het geometrisch woonvolume niet alleen vorm in plan, maar ook in de manier waarop je het nadert.
Leefruimte en leefkeuken met daglicht in de leefruimte
Op het gelijkvloers neemt de leefruimte samen met de leefkeuken bijna het hele volume in beslag. Die keuze legt de nadruk op een grote, doorlopende ruimte waar de functies elkaar volgen zonder harde breuken. De trap staat in de keuken en markeert daar de overgang naar boven. Achter de trap schuilt nog een technische berging, discreet weggewerkt in de constructie. Wat je ervaart, is vooral de lengte van de zichtlijnen, de openheid van het vertrek en het spel van glas, wit pleisterwerk en hout.
In het interieur domineert een minimalistisch interieur met witte wanden en warme houtaccenten. Dat blijft niet steken in een abstract beeld; je ziet het in de niswerking, in de omkadering langs de wand en in de afwerking van de keukenzone. De lijnen zijn strak, maar niet hard. Boven het hoofd loopt een subtiele lichtlijn mee langs de plafondrand en brengt ze diepte in de ruimte. Dat daglicht in de leefruimte wordt zo aangevuld met kunstlicht dat de lengte van de kamer nog sterker leesbaar maakt.
Transparantie rond het overdekt terras
Centraal in de achtergevel ligt een overdekt terras. Het zit precies op de plek waar binnen en buiten elkaar raken, en dat maakt het gevelbeeld gelaagd. De transparantie werkt hier op verschillende manieren: via glas, via de uitsparing van het terras en via de wissel tussen gesloten metselwerk en open kijklijnen. Het overdekt terras is geen losse toevoeging, maar een ingesneden buitenruimte die de achtergevel minder massief maakt. Daardoor ontstaat een duidelijke samenhang tussen leefruimte, tuin en achterzijde van het huis.
Ook in de buitenbeleving blijft het materiaalpalet beperkt en leesbaar. Baksteen vormt de hoofdmassa, glas snijdt er licht in, en donkere raamprofielen tekenen de openingen af. De beeldtaal is consequent, maar niet vlak. Op de foto’s is te zien hoe de grote glaspartijen de overgang naar buiten scherp maken, terwijl het metselwerk de volumes verankert. Binnen en buiten worden niet gelijkgeschakeld; ze staan juist dicht genoeg bij elkaar om de verschuiving tussen beide te voelen.
Trap en overloop met daglicht op de verdieping
Boven verandert de sfeer zodra de trap en overloop met daglicht in beeld komen. Een ruime overloop met twee verdiepingshoge glaspartijen haalt het licht naar de nachthal en maakt van de circulatiezone een plek met uitzicht. De lengte van de gang wordt door dat licht minder zwaar. In plaats van een gesloten passage ontstaat een heldere zone waar ramen, deuren en wanden elkaar ritmeren. De verlichting blijft discreet, terwijl de glaspartijen het belangrijkste werk doen.
Aan de straatzijde sluiten de kinderkamers en een natte cel aan op deze overloop. Aan de andere zijde ligt de ouderslaapkamer met een aangrenzende riante badkamer. Grote ramen geven ook hier zicht op de omgeving, waardoor de verdieping niet als een afgesloten slaaplaag aanvoelt. De openingen in de gevel halen buiten naar binnen zonder de kamers uit te wissen. In combinatie met de strakke plattegrond en de bakstenen gevel ontstaat zo een bovenverdieping die vooral draait om licht, oriëntatie en rustige beweging tussen de kamers.
Wat deze woning sterk maakt, is niet één opvallend gebaar maar de manier waarop elk onderdeel de volgende stap voorbereidt. Het geometrisch woonvolume lost de moeilijke perceelsvorm niet op door te verbergen, maar door ze te ordenen. De patio bij inkomhal, de carport aan de grens, de leefruimte op het gelijkvloers en de overloop met daglicht boven vormen samen een reeks duidelijke ruimtelijke beslissingen. Daardoor blijft de geometrische gevel niet alleen een beeld aan de straat, maar een uitdrukking van hoe het huis intern werkt.
Wil je meer zien van Egide Meertens Plus Architecten? Bekijk de pagina van Egide Meertens Plus Architecten voor meer projecten en bedrijfsinformatie.








